UGent

Convergerende evolutie van echolocatie bij dolfijnen en vleermuizen

Auteur: Liu et al.

Alle walvissen en dolfijnen met tanden en een groot deel van de vleermuizen zijn in staat tot echolocatie: ze maken ultrasone (zeer hoge) geluiden, die ze zelf opvangen. Aan de hand van deze geluidspatronen kunnen ze zich oriƫnteren en prooien ontdekken.

echolocatie

Echolocatie vereist een aantal anatomische aanpassingen aan het binnenoor. Het gen Prestin is een coderend gen dat verantwoordelijk is voor de productie van de trilhaartjes in het binnenoor. Liu et al. berichten in Current Biology dat de structurele veranderingen in Prestin dezelfde zijn bij echolocerende vleermuizen en dolfijnen, met andere woorden, bij beide groepen hebben zich dezelfde veranderingen voorgedaan in dit gen. Dit is een mooi voorbeeld van convergerende evolutie: door gelijkaardige selectieve druk ontstaat bij twee niet-verwante groepen dezelfde adaptatie.